Debbie, de pot

Mijn grootmoeder zaliger had een regel over nieuwjaarswensen: de hele maand januari mocht je nog bij haar langsgaan om haar een gelukkig nieuw jaar te wensen. Zowat iedere dag van de voorbije maand dacht ik daaraan. Mijn plan was dat idee te gebruiken om iedereen hier vrij laat nog – ken uzelf – een fijn 2019 te wensen. Maar de procrastinatie-queen in me kreeg opnieuw de bovenhand en voor ik het goed en wel besefte, was het alweer februari. Mèh. (Maar gelukkig Nieuwjaar, iedereen!)

Nu, ik wil dat allemaal ook niet dramatiseren. Er zijn heus voordelen aan traagheid. Zo brak ik mijn kerstboom pas af op Lichtmis. Dat bleek a posteriori een goed idee want eenmaal die kerstboom weg was, sloeg het winterdonker echt genadeloos toe. Weg sfeer en gezelligheid nu we geen lichtjes meer konden aansteken ’s avonds. Al wat restte was het Grote Niets, het Vele Weinig, het gat tussen Kerstmis en de lente. De gedachte dat ik die kerstboom al een maand eerder zou afgebroken hebben, leek ondraaglijk deprimerend. Het is dus beslist: volgend jaar laat ik ‘m weer zo lang staan. Gezellig.

Afin, ondertussen is het dus februari. Daar ga ik mee leven. Net zoals ik me ga verzoenen met het feit dat ik te traag ben voor het internet en nooit een goede blogster zal worden. Op Facebook verlies ik elke dag volgers. Er is een kaap van (een nochtans schamele) 600 volgers die ik maar nooit lijk te ronden. Voor iedere like die erbij komt, vallen er twee weg. Maar goed, dat is mijn eigen schuld een gevolg van wie en hoe ik ben. Ook daar kan ik prima mee leven: ik ga liever diep dan snel, ik ga nergens aan voorbij tot het ook voorbij is, en ik heb mijn handen vol aan mijn offline leven. Die factoren maken dat ik hier maar weinig ben geweest en dus minder heb gezaaid én geoogst dan de gemiddelde blogster. Ik ben een bio-boerin in tijden van geïndustrialiseerde massa-productie, quoi.

Laat ik op dit punt meteen ook benadrukken hoezeer ik besef dat jij, zeer gewaardeerde lezer, de kwaliteit uitmaakt die ik met mijn traagheid au fond nastreef in alles. Jij die mijn slakkengang voor lief neemt. Jij die me bemoedigende berichten blijft sturen, zelfs al antwoord ik helemaal niet. Jij die überhaupt de tijd neemt en de woorden zoekt om een reactie te plaatsen. Je vous aime. Dat zeg ik in alle ernst, en niet alleen omdat die aandacht uiteraard flatterend en deugddoend is voor mezelf. Ik geloof oprecht dat positieve kleine daden de start zijn van een kentering in (online) gedrag. Dank dus voor jullie aanwezigheid. Jullie zijn een voorbeeld.

In een poging enerzijds jullie gulheid en anderzijds de snelheid van het internet enigszins tegemoet te komen, presenteer ik nu: de pot (geïnspireerd op Eva’s Ronny). Ik noem haar Debbie, Debbie de pot. En in mijn geval is het een muur, maar dat is bijzaak.

Het zit zo: sinds het begin van dit jaar schrijf ik iedere week iets leuks dat gebeurd is op een post-it en plak dat op een lege muur in de keuken. Als alles goed gaat (lees: als ik dit volhoud), heb ik tegen het einde van 2019 een muur vol 52 blije weken. Dat vind ik een bijzonder fijn vooruitzicht. Bovendien – this is the best part! – kan Ronny dit jaar dan zijn Debbie meebrengen naar het kerstfeest. Ha! Hoe schoon gaan die twee elkaar uitbalanceren, zeg. Geloof mij, ik kan dat weten, ik ben Ronny.

Maar nu ben ik dus in blijde verwachting van een innerlijke Debbie. Ik hoop dat zij de rust die ik stilaan begin te vinden, langer kan vasthouden. De verbouwingen en de nasleep daarvan zijn grotendeels achter de rug en er begint wat klaarheid in me te komen. Of zoals supra gezegd: nu het voorbij is, kan ik er ook aan voorbij. Of misschien is het gewoon de lente, dat kan ook. In ieder geval lijkt me dit een goed moment om een langetermijninvestering doen in de mentale ruimte die is vrijgekomen. Door die nu al op te vullen met positieve en blije dingen, hoop ik daar tegen de volgende (al dan niet letterlijke) winter, de vruchten van te plukken. Helemaal zoals het een goede bio-boerin betaamt, dus.

(Voor alle duidelijkheid: ik doe geenszins afstand van het fulminerend betoog dat ik ooit schreef tegen #100happydays. Belachelijk! Ik ben daar nog even hard tegen! Gezaag en geneut muss sein! Blijheid op wekelijkse basis daarentegen, dat moet ik aankunnen.)

Om het af te maken heb ik aan dit experimentje zowaar een Inkelspielchen Instagram-account gekoppeld. Jahaa, ik geloof dat we dit jaar Sint-Juttemis kunnen vieren! Je kan op die account in het beste geval wekelijks, en zoniet af en toe, een fotootje verwachten van de dingen die me blij maken. Nou ben ik nooit een grote belijder van de anekdotiek om de anekdotiek geweest, dus ik zal daar proberen het accidentele wat te overstijgen zodat jullie er ook wat aan hebben. En het beste van al: iedereen kan gewoon meedoen. Aja, we doen van een echte rubriek! Of is dat dan een challenge? Enfin, tis met online bonding enal! Verzamelen geblazen onder #Debbiedepot?

(Ojo, hoe mee ben ik, zeg! Nee?)

Disclaimer: ik doe bij voorbaat afstand van flauwe mopjes over vrouwen die van vrouwen houden. “Debbie de pot. Haha.” Hallo? Zijn we nog 14 misschien?

Dit bericht is gepubliceerd op 22 februari 2019 om 11:11. Het’is opgeslagen in hart, Hoofd en getagd als , , , . Markeer de permalink als favoriet. Volg hier alle reacties met de RSS feed voor dit bericht.

4 gedachten over “Debbie, de pot

  1. Nee, ik denk dat ik eerder 15 ben maar dit terzijde.
    Wat een ongelooflijk zalig logje. En wat een fijn idee dat van die post-its. Het jaar is al even bezig maar als ik het goed heb is het Chinese nieuwjaar pas gestart dau kan ik nog doen alsog en toch nog starten. Hmmm. Even over nadenken.

  2. Brugse zot op schreef:

    Bedankt voor het uiten van je waardering. Net zoals jij, geloof ook ik oprecht in de kenterende kracht van kleine daden. Een Debbie heb ik niet – of niet niet, wie weet ;-). Wel een boekje waarin ik zonder enige regelmaat af en toe dingen in noteer waar ik dankbaar voor ben of die mij aan het lachen maakten. Ik ben ermee begonnen in een ‘blijven-trappelen-om-het-hoofd-boven-water-te-houden’-periode, en het trappelen werd er zowaar minder zwaar door, merkte ik. Door het later af en toe eens te herlezen, is die nochtans heftige periode ondertussen zelfs al in een positiever herinneringsvakje in mijn geheugen geraakt. Zot hé. Ik wens het jou ook toe!

    • Dat klinkt erg mooi, hoe je nu anders gaan denken bent over die periode. Nu, ikzelf ben sowieso eerder een achteraffer. Ik heb altijd pas een klare kijk op alles achteraf. Dan zie en snap ik het altijd zo goed, en kan ik het ook relativeren. Bon, nu ik dat zo opschrijf, geloof ik dat ik moet beginnen mediteren 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: