We grew up like weeds

Er zijn zoveel dingen, mijn Zoon, waarvoor ik me zou willen verontschuldigen. Er zijn momenten dat ik vind dat ik schromelijk tekort schiet.

Nu zou ik minder verdrietig voor je willen zijn, bijvoorbeeld. Ik kan mezelf voor de kop slaan dat mijn dommigheden hun weerslag hebben op jou. Dat mijn lontje nu zoveel korter is en mijn humeur zo wisselvallig. In het algemeen was ik graag evenwichtiger, minder zwaar op de hand. Voor jou wil ik gelukkig worden. Ik wil juiste partners kiezen opdat ik een voorbeeld voor je kan zijn. Opdat geluk en relaties voor jou een vanzelfsprekendheid worden. Voor mij zijn ze dat niet. Ik zou minder willen nadenken, tout court. Minder alles en iedereen en altijd, binnenstebuiten en ondersteboven willen keren. Ik weet uit eerste hand hoe vermoeiend dat is. Uit tweede hand heb ik al te vaak gehoord dat het een reden is om niet met mij verder te gaan. Maar jij, mijn liefste, zit aan me vast.

Ik zou graag succesvol zijn. Daarmee bedoel ik niet rijk of beroemd. Ik heb het eerder over het leven. Ik wil in de praktijk voor elkaar krijgen wat ik in theorie graag verkondig: dat het er enkel om te doen is, jezelf te worden. Dat het volstaat je passie te vinden en dat de rest zal volgen. Ik wil een huis kopen voor ons, met een tuin eraan en kippen in een hok. Ik wil op reis gaan en je tonen hoe anders de wereld ergens anders is, hoe schoon de mensen zijn overal. Ik wil uitstapjes met je maken naar plaatsen dichtbij om je te tonen dat je het niet eens zo ver moet zoeken.

Hoe het komt dat ik geworden ben zoals ik ben, kan onze Buurvrouw goed uitleggen. Ik hoop dat je haar nog mag kennen als je ouder wordt. Nu ben je geen onverdeelde fan van haar maar later zou dat wel es anders kunnen zijn. Sowieso kan ieder kind een excentrieke kunstenares in zijn leven gebruiken. Zeker als het zo’n denker is als zij, wars en los van de collectieve moraal. Wij hebben dat graag. Ze zegt van zichzelf opgegroeid te zijn als onkruid. Ze gebruikt het beeld van een huis naast een braakliggend stuk grond. Binnenin het huis worden planten verzorgd. Ze krijgen water, licht, meststof en geregeld verse aarde of een nieuwe pot. Zij was het zaadje dat naast het huis viel. Ze deed maar wat – niemand zei haar hoe het moest – en maakte dat ze het overleefde. Het was allemaal afhankelijk van toeval dat ze uitgegroeid is tot wat ze is. Ze heeft het zichzelf moeten leren. Ze is daar misschien iets minder mooi maar wel nog steeds goed uitgekomen.

Zo ging het ook met mij, lieverd. We hebben geleerd ons instinct te volgen, Buurvrouw en ik. We hebben geleerd ons goed te omringen. Dat is wat onkruid doet. Dus kan ik je wel een entourage van veel schone mensen bieden. Ons leven is een machtig wilde tuin vol zeldzame bloemen. Allemaal doen ze hun eigen ding, met zorg voor elkaar. Ze zijn intens en authentiek. Jij beweegt je daar nu al met gratie en aplomb door. Je bent zoals ons. Ik kan mijn ogen vaak niet van je afhouden.

Naast de bloemen in onze tuin, liggen er nog dingen binnen de mogelijkheden die ik voor mezelf heb gecreëerd. Ik heb nog nooit tegen je te gelogen, bijvoorbeeld, en dat weet je. We vertrouwen elkaar omdat we dat kunnen. Ik probeer een antwoord te verzinnen op alle vragen die je hebt (en dat zijn er veel tegenwoordig!). Je krijgt muntjes om in de koffers van straatmuzikanten te gooien als je hun muziek mooi vindt. Wie dat zijn, kies je zelf. Laatst begon de accordeonist aan de Fnac prompt ‘Mama’ van Heintje te spelen. Naast je gehurkt, heb ik het lied voor je gezongen. Een hoop passanten zijn die dag met een glimlach naar huis gegaan. Ik leer je hoe die wisselwerking gaat.

Als we betalen aan de kassa, stop je graag de bankkaart in de automaat en wil je de code intikken. Ik leer je te wachten tot de kassajuffrouw zegt dat het kan en alsjeblieft te zeggen op haar dankjewel. De rest doe je zelf. We krijgen dan complimenten en de opmerking dat ze nog nooit zo’n leuke transactie heeft uitgevoerd. Ik leer je zelf aan de barjongen te gaan vragen of je op de piano mag spelen, omdat ik daarover niet kan beslissen. Je mag. Je komt met zwerfvuil aangelopen dat je in de vuilbak wil gooien. Ik probeer je nooit te dwingen mensen een knuffel of een zoen te geven. Zelf krijg ik er massa’s. Ik probeer na te denken over wat je zegt en je gelijk te geven als dat moet. Ik probeer los te laten.

Dat zijn evengoed de dingen waarover ik nadenk, lieverd. Ik probeer jouw bloem in een huis te zetten, hetzij krakkemikkig. Op dit moment sta je waanzinnig in bloei. Ik hoop dat het genoeg is.

Advertenties
Dit bericht is gepubliceerd op 21 april 2014 om 22:09. Het’is opgeslagen in Brieven en getagd als . Markeer de permalink als favoriet. Volg hier alle reacties met de RSS feed voor dit bericht.

Een gedachte over “We grew up like weeds

  1. jan volckaert op schreef:

    hoe mooi is dat niet zeg….ik zie de beelden er zo bij

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: